Biobrandstof niet minder schadelijk


Biobrandstof creëert honger in arme landen
         

 

Biobrandstoffen zullen de kwetsbaarheid van het milieu tastbaar maken in het dagelijkse tankgedrag van elke burger. De huidige generatie mag niet langer op de reserves van een ver verleden rekenen voor zijn energiebehoeftes van vandaag, schrijft Guy Van Den Broek in een commentaarstuk in De Tijd. Maar de journalist waarschuwt er tegelijkertijd voor dat de honger naar biobrandstoffen in het rijke Westen echte honger creëert in arme landen, waar basisoliën te duur worden voor de bevolking.

Experts schatten dat tegen 2010 bijna 10 procent van het Europese landbouwareaal zal gebruikt worden voor biobrandstoffen. Voor de landbouwers is dat een zegen, aldus Van Den Broek. De prijs van tarwe was nooit zo hoog tijdens de afgelopen tien jaar, deels door de droogte in Australië, maar deels ook door de vraag naar tarwe voor bio-ethanol. Voor de suikerbietboeren hebben de biobrandstoffen een financiële ramp als gevolg van het hervormde suikerbeleid afgewend, luidt het.

Maar biobrandstoffen zorgen er ook voor dat de prijs van bijna alle plantaardige oliën in de wereld zoals zonnebloemolie, kokosnootolie, tarweolie en zelfs olijfolie fors gestegen zijn. “Dat heeft directe gevolgen voor de economie in ontwikkelingslanden. Daar zijn de basisoliën immers essentieel voor de dagelijkse voeding”, schrijft Van Den Broek. “De vraag naar biobrandstoffen bij ons schept dus honger in het Zuiden. Daardoor zullen uitgerekend de mensen die amper energie verbruiken het slachtoffer worden van onze groene revolutie”.

Bron: Belga      23/10/2006 

 

11 miljoen meer mensen lijden honger                 

 

Het aantal mensen dat wereldwijd in hongersnood verkeert, is in 2005 gestegen tot 852 miljoen. Dat is 11 miljoen meer dan een jaar eerder. De cijfers blijken uit het rapport van de Zwitserse VN-rapporteur Jean Ziegler. “Deze stijging is een schande voor de mensheid”, zei Ziegler in New York. Volgens de FAO is onze aarde in staat het dubbele van de huidige wereldbevolking van voedsel te voorzien.

De stijging met 11 miljoen situeert zich voornamelijk in Afrika, waar de Saharawoestijn steeds verder uitbreidt. De voedselproductie in Afrika wordt bovendien gehinderd door het beleid van welvarende landen. Die exporteren minderwaardige producten op de Afrikaanse markt, zodat lokale boeren geen kans krijgen. “Onder meer door dat wanbeleid sterft elke vijf seconden een kind aan ondervoeding of de gevolgen daarvan”, zegt Ziegler.

Volgens hem kan de hongersnood worden bestreden, maar ontbreekt daarvoor de politieke wil. “Er bestaan snelgroeiende bomen die het oprukken van de woestijn kunnen tegengaan, we kunnen irrigatiekanalen graven en pesticiden produceren, maar er wordt te weinig geïnvesteerd”, zegt Ziegler. De problemen situeren zich niet uitsluitend op het Afrikaanse continent. Bijvoorbeeld de Israëlische luchtaanvallen in het zuiden van Libanon hebben zoveel milieuschade aangericht, dat landbouw en visserij de komende jaren onmogelijk zal zijn.

Bron: Belga    27/10/2006

BIOBRANDSTOFFEN DUWEN GRAANPRIJZEN OMHOOG OP NEDERLANDSE BEURZEN


De beurzen in de Nederlandse steden Goes en Groningen noteren fors stijgende graanprijzen. Met het oog op toename van de productie van biobrandstoffen is er veel be­langstelling voor graan, zo ver­klaart een beurslid. De combina­tie met een mindere oogst, maakt dat de prijzen de lucht in schie­ten. Het beurslid verwacht nog forsere stijgingen van de graanprijzen in de toekomst. “Daar zitten mogelijk­heden voor de akkerbouw”, luidt het.

Tarweprijs piekt op Amerikaanse termijnmarkt

 

 

Op de goederentermijnmarkt in Chicago is tarwe in de afgelopen drie weken ruim 18 procent duurder geworden. Vorige week donderdag werd op de spotmarkt, waar levering en betaling op korte termijn plaatsvinden, zelfs even de hoogste prijs in tien jaar tijd genoteerd. Daarna zakte de prijzen weer wat. Er bleef evenwel sprake van een nerveuze handel, weet het Agrarisch Dagblad.

In Amerika zijn de omstandigheden om te oogsten heel goed, maar de oogstverwachtingen zijn de afgelopen weken toch wat getemperd. Over de hele lijn wordt er rekening gehouden met kleinere oogsten dan vorig jaar. In Australië en Zuid-Amerika valt de graanproductie wel zwaar tegen als gevolg van de droogte. Australië verlaagde zijn oogstverwachtingen voor tarwe zelfs naar 11 tot 12 miljoen ton, terwijl vorig jaar nog 25 miljoen ton werd geoogst.

De forse prijsstijgingen in de afgelopen weken voeden ondertussen ook de vrees dat het tarweareaal volgend jaar wereldwijd flink zal toenemen. De kans dat daardoor volgend seizoen een veel grotere hoeveelheid aan tarwe wordt geproduceerd, zette aan het eind van vorige week de prijsvorming voor leveringscontracten voor tarwe op langere termijn wat onder druk.

De weersvoorspellingen gaven wat grotere neerslagkansen voor de wintertarwegebieden in de Verenigde Staten. Ook dat deed de prijzen wat dalen omdat regen de gewasgroei bevordert en dus mogelijk hogere opbrengsten oplevert. Op exportfront blijft het rustig in de VS. Handelaren hopen dat er snel zaken met Irak kunnen gedaan worden. Bovendien hopen de Amerikanen te kunnen profiteren van geringere exportactiviteiten in Oekraïne.

 

 

Veevoeder wordt duurder door hoge tarweprijs

 

 

De recordprijs voor tarwe op de graanmarkt in Chicago is nu ook voelbaar in de Vlaamse landbouw. Het veevoeder wordt duurder en de boeren zaaien ook meer wintertarwe dan tijdens de vorige jaren. Bijna alle braakliggende gronden worden nu ook benut, schrijft De Tijd. De inzaai van koolzaad voor biodiesel valt dit jaar daarentegen zwaar tegen omdat de boeren massaal voor tarwe kiezen.

De extreem hoge tarweprijs van bijna 6 dollar per schepel (27 kilogram) op de graanmarkt van Chicago heeft te maken met de droogte in Australië. Maar in Europa en in Vlaanderen wordt die trend versterkt door de stijgende vraag naar grondstoffen voor bio-ethanol, zoals tarwe en suikerbieten. De producenten van biobrandstoffen sluiten contracten met de tarwe- en suikerbietboeren, wat de boeren al een hoge prijs garandeert.

“Ook de landbouwconsulenten raden de boeren nu aan tarwe te zaaien”, zegt François Huyghe van Boerenbond. Aveve stelt een sterk verhoogde vraag naar zaaigranen voor wintertarwe vast tegenover vorig jaar. In de winter van 2005 werd 70.000 ha wintertarwe ingezaaid. Dat zal dit jaar wellicht veel meer zijn. Volgens experts verkiezen landbouwers tarwe boven koolzaad omdat precies tijdens de inzaai de tarweprijzen een tienjaarlijks record bereiken. Vorig jaar werd 10.000 ha koolzaad ingezaaid, maar de verwachte verdubbeling zal wellicht niet plaatsvinden, aldus nog de experts.

“Koolzaad is een gewas met een veel groter risicoprofiel dan tarwe. Wanneer het misloopt, is de koolzaadoogst minimaal”, zegt Huyghe. Intussen is de tarweprijs in Europa al opgelopen tot 135 euro per ton, terwijl twee jaar geleden nog geen 95 euro per ton werd betaald. Experts vrezen dat wie in Vlaanderen biodiesel wil maken, massaal grondstoffen zal moeten invoeren want de koolzaadoogst zal kleiner zijn dan in 2005.

“De hoge prijzen voor baktarwe in de VS drijven de prijs voor voedertarwe in Europa op”, stelt Yvan Dejaegher van Bemefa, de federatie van de veevoedersector. “Het veevoeder wordt weldra fors duurder”, bevestigt Dejaegher. Veel veevoeders bevat nu tot 40 procent tarwe omdat graan de laatste jaren zo goedkoop was en tegelijkertijd ideaal is voor de dieren.

De veevoederfabrikanten trachten nu dat tarweaandeel te beperken. Zo wordt opnieuw maniok gebruikt, samen met sojaschroot en de restproducten van de bereiding van biobrandstoffen. Dejaegher vreest ook dat de massale inzet van tarwe voor biobrandstoffen een gevaar inhoudt voor de voedselveiligheid. “Het wordt voor ons moeilijker om tarwe te vinden die aan de hogere kwaliteitseisen van veevoeder voldoet”.

 

Bron Belga 19-10-2006

 

 

 

Productie biobrandstof is ernstige misdaad

 

Een “misdaad tegen de menselijkheid”, zo heeft Jean Ziegler, de speciale VN-rapporteur over het recht op voedsel, de productie van biobrandstoffen genoemd. De teelt van mais, tarwe en suikerbieten voor de ontwikkeling van milieuvriendelijke brandstoffen drijft de prijs van basislevensmiddelen, gronden en water de hoogte in, zei de onafhankelijke VN-expert vrijdag in New York. Hij roept op om de wereldwijde productie van biobrandstoffen minstens vijf jaar te stoppen. Dat is de tijdsspanne die wetenschappers volgens Ziegler nodig hebben om biodiesel en bio-ethanol te puren uit biomassa in plaats van uit basisgrondstoffen.

Alleen al de prijs van de tarwe is in een jaar tijd verdubbeld. Indien de trend aanhoudt, kunnen de arme landen niet voldoende voedsel voor hun bevolking meer importeren, zei hij. “Het is een misdaad tegen de menselijkheid om op een agrarisch productieve grond voedsel te produceren, die dan voor biobrandstoffen opgestookt wordt”, zei Ziegler.

Vandaag lijden meer dan 800 miljoen mensen over heel de wereld honger. Daarbij zijn er echter voldoende levensmiddelen voorhanden om de wereldbevolking te voeden. “Alle oorzaken voor honger op de wereld zijn door de mens veroorzaakt. Het is een probleem van de toegankelijkheid en niet van overbevolking of te kleine productie en kan door menselijke beslissingen veranderd worden”, aldus Ziegler.(KS)

Bron: AP

 

EU-beleid biobrandstof rampzalig voor het Zuiden

De plannen van de Europese Unie om het gebruik van biobrandstof op te voeren, zouden kunnen uitdraaien op een ramp voor de armste mensen op onze planeet. Dat is de conclusie van Oxfam International in een nieuw rapport. Om de steile ambities waar te maken, zal de EU op grote schaal suikerriet en palmolie moeten invoeren uit ontwikkelingslanden. De lokale bevolking dreigt onder de voet gelopen te worden door de industriële wedren die de biobrandstof veroorzaakt, zo luidt het.

Dit voorjaar beslisten de Europese staats- en regeringsleiders dat de EU-lidstaten tegen 2020 hun brandstof voor het transport voor minstens tien procent uit biobrandstoffen moeten halen. Het gevolg is volgens Oxfam International dat een groot volume basisgrondstoffen uit andere continenten zal moeten geïmporteerd worden. “De drang van grote bedrijven en regeringen om in landen zoals Brazilië, Indonesië, Colombia, Tanzania en Maleisië een stuk van de Europese biobrandstof-koek in te pikken, zal de arme bevolking van haar grond verjagen en de betaalbaarheid van voedsel aantasten”, aldus de ngo.

Nochtans erkent Oxfam International dat biobrandstof de mogelijkheid biedt om armoede te bestrijden. Bijvoorbeeld door familiale boeren in staat te stellen om goedkope hernieuwbare energie voor lokaal gebruik aan te bieden. “De enorme plantages die ontstaan om aan de Europese vraag te beantwoorden, leveren echter meer bedreigingen dan kansen op voor arme mensen. Tenzij de EU waarborgen invoert om de toegang tot grond, om de bestaansmiddelen, de arbeidsrechten en de voedselzekerheid te verzekeren”, zegt Thierry Kesteloot, onderzoeker bij Oxfam-Solidariteit.

De huidige EU-voorstellen bevatten geen richtlijnen om de sociale en menselijke impact van de rush naar biobrandstoffen te kanaliseren. “De Unie heeft haar doelstellingen neergeschreven zonder het effect op mens en milieu te onderzoeken. Indien blijkt dat de 10 procent-doelstelling niet op een menswaardige manier kan gerealiseerd worden, moet de EU opnieuw naar de tekentafel”, zegt Kesteloot.(KS)

5,6 MILJOEN VIERKANTE KILOMETER


Uit gepubliceerde rapporten blijkt dat alleen al in Indonesië, Brazilië, Zuid-Afrika en India 5,6 miljoen vierkante kilometer grond de komende twintig jaar kan ingezet worden voor de teelt van biobrandstoffen. Naar schatting 60 miljoen mensen lopen daardoor het risico van hun grond verdreven te worden om plaats te maken voor plantages, aldus Oxfam International, daarbij verwijzend naar ramingen van de VN. Op zoek naar werk belanden de meeste verdreven boeren uiteindelijk in sloppenwijken. Andere zullen in erbarmelijke omstandigheden op de plantages moeten werken, zonder respect voor fundamentele arbeidsrechten, besluit de ngo.

Bron: Vilt

 

De EU-plannen om het gebruik van biobrandstoffen op te voeren, zouden een ramp kunnen worden voor de armste mensen, waarschuwt Oxfam International in een nieuw rapport.

 

Tegen 2020 zullen de EU-lidstaten hun brandstof voor het transport voor minstens 10% uit biobrandstoffen moeten halen. Om aan de sterke groei van de vraag tegemoet te komen, zal de EU biobrandstoffen gemaakt uit suikerriet en palmolie moeten invoeren uit de ontwikkelingslanden. Maar de wedren van grote bedrijven en regeringen naar landen als Indonesië, Brazilië, Colombia, Tanzania en Maleisië, om daar een stuk van de Europese biobrandstof-koek in te pikken, dreigt de arme bevolking van haar grond te verjagen, hun bestaansmiddelen te vernietigen, de arbeiders uit te buiten en de toegang tot én de betaalbaarheid van voedsel aan te tasten.

“De verwoede poging om de EU en de rest van de wereld te voorzien van biobrandstoffen vermindert de overlevingskansen van arme landbouwers en landarbeiders in ontwikkelingslanden. De huidige EU-voorstellen dreigen die situatie nog te verergeren. Het is zonder meer onaanvaardbaar dat arme mensen in ontwikkelingslanden de kosten moeten dragen voor de twijfelachtige pogingen van Europa om zijn uitstoot te beperken”, stelt Thierry Kesteloot, onderzoeker bij Oxfam-Solidariteit.

Biobrandstoffen bieden de mogelijkheid om armoede te bestrijden door jobs te scheppen en de markt open te stellen voor familiale boeren en door goedkope hernieuwbare energie voor lokaal gebruik aan te bieden. Maar de enorme plantages die ontstaan om aan de EU-vraag te beantwoorden, leveren meer bedreigingen dan kansen op voor arme mensen. Dat probleem zal nog groter worden naargelang de strijd om de vraag te beantwoorden intenser wordt, tenzij de EU waarborgen invoert om de toegang tot grond, de bestaansmiddelen, de arbeidsrechten én de voedselveiligheid te verzekeren.

Biobrandstof, geen toverformule

De EU-lidstaten zijn overeengekomen om de 10% doelstelling op een duurzame manier te realiseren, maar Oxfam wijst erop dat de huidige voorstellen geen richtlijnen bevatten over de sociale en menselijke impact.

“De EU heeft haar biobrandstof-doelstelling gekozen zonder de impact hiervan op mens en milieu te onderzoeken. De EU moet maatregelen voorzien om de rechten en de bestaanszekerheid van de mensen in de producerende landen te beschermen. Indien blijkt dat die 10 percentdoelstelling met deze maatregelen niet haalbaar is, moet de EU terug naar de tekentafel”, zegt Kesteloot.

 

“Laten we eerlijk zijn, biobrandstoffen zijn geen wondermiddel. Zelfs al slaagt de EU erin haar 10% doelstelling te halen uit duurzame biobrandstof – en volgens Oxfam is dat hoogst twijfelachtig – dan nog zal dit maar een marginaal effect hebben op de CO² -uitstoot van een steeds maar meer energie verbruikende transportsector”

Uit gepubliceerde rapporten blijkt dat niet minder dan 5,6 miljoen vierkante kilometer grond – een gebied dat meer dan tien keer zo groot is als Frankrijk – kan ingezet worden voor de teelt van biobrandstoffen in de volgende twintig jaar in Indonesië, Brazilië, Zuid-Afrika en India alleen. Met dramatische gevolgen.

Volgens de VN zouden naar schatting 60 miljoen mensen wereldwijd het risico lopen van hun grond verdreven te worden, om plaats te maken voor biobrandstoffenplantages. Op zoek naar werk belanden velen van hen uiteindelijk in sloppenwijken, anderen zullen in erbarmelijke omstandigheden op plantages moeten werken, zonder respect voor fundamentele arbeidsrechten. Bovendien worden arbeidsters er doorgaans extra gediscrimineerd en zijn ze ook slechter betaald dan mannen.

Waardevolle landbouwgrond gaat verloren

In Indonesië wordt bijna een derde van de palmolie geproduceerd door kleine boeren die hun recht op grond meestal zagen verloren gaan door de uitbreiding van plantages en die ‘als beloning’ hiervoor twee hectaren kregen toegewezen. Deze kleine boeren zijn met handen en voeten aan de palmolie-industrie gebonden omdat deze een lening heeft toegestaan in ruil voor hun opbrengst. Dat betekent meteen dat deze boeren ook niet de beste prijs krijgen voor hun palmolie.

Abet Nego Tarigan is vice-directeur van Sawit Watch, een organisatie die dorpsgemeenschappen, boeren en loonarbeiders vertegenwoordigt die door de palmolieproductie in Indonesië getroffen werden. Hij stelt dat: “beslissingen over biobrandstoffen die in Europa genomen worden, directe gevolgen hebben voor miljoenen mensen in Indonesië. In hun nietsontziende jacht op het biobrandstof-goud, aarzelen machtige palmolieproducerende bedrijven niet om gemeenschappen van hun grond te verdrijven waar zij sinds vele generaties geboerd hebben.

Loonarbeiders en kleine boeren worden zonder enige schroom uitgebuit en er gaat waardevolle landbouwgrond verloren waar wij het voedsel op konden telen dat we nodig hebben voor onszelf en om een inkomen te verwerven. De voorgestelde plannen van de EU zullen dit nog verergeren, nog meer mensen zullen arm worden en de grond zal geconcentreerd worden in de handen van enkelingen.”

Voor meer informatie:
Thierry Kesteloot, onderzoeker over voedselsoevereiniteit en landbouw bij Oxfam-Solidariteit, tel. 02 501 67 55 — gsm: 0475 543 723

Het rapport “Bio-fuelling Poverty” van Oxfam International:

http://www.oxfamsol.be/nl/IMG/pdf/Biofuels_briefing_note_FINAL_301007.pdf